Schoenmaten bij kinderen
Bij schoenen gaat het om voetlengte plus groeiruimte, en om niets anders.
Meten
De voet op een vel papier, hiel tegen een rechte rand, een streepje bij de langste teen. Beide voeten meten, want die verschillen vaak een paar millimeter. De grootste telt.
Groeiruimte
| Voetlengte | Maat ongeveer | Ruimte erbij |
|---|---|---|
| 11,5 cm | 19 | 12 tot 17 mm |
| 13,5 cm | 22 | 12 tot 17 mm |
| 15,5 cm | 25 | 12 tot 17 mm |
| 17,5 cm | 28 | 12 tot 17 mm |
| 19,5 cm | 31 | 12 tot 17 mm |
| 21,5 cm | 34 | 12 tot 17 mm |
Hoe vaak controleren
Tot twee jaar groeit een voet ongeveer anderhalve maat per jaar, daarna ongeveer een maat. Elke twee tot drie maanden opnieuw meten voorkomt dat een schoen maanden te klein zit zonder dat het kind klaagt: de tenen krullen dan mee zonder pijn te geven.
Tweedehands schoenen
Een gedragen schoen heeft de vorm van de vorige voet. Bij sandalen en laarzen valt dat mee, bij schoenen met een ingelopen zool niet. Kijk naar de slijtage van de zoolrand: is die scheef, dan is de schoen niet geschikt om door te geven.